Stikstof en norm
Om bij te dragen aan de wettelijke opgave voor stikstofreductie moet Drenthe in 2035 43% minder ammoniak uitstoten dan in 2019. De provincie vraagt aan alle melkveehouders in Drenthe om gezamenlijk als sector een reductie van 30% te realiseren in 2035.
Voor de intensieve veehouderij wordt de hoogte van de emissienorm nog uitgewerkt om ook bij te dragen aan deze doelstelling. Naar verwachting is begin 2027 hierover meer duidelijk.
De provincie wil daarnaast de resterende reductie van de Drentse ammoniakemissies realiseren in een gebiedsgerichte aanpak. Daarbij verschilt de aanvullende opgave voor ondernemers binnen een kilometer van een Natura 2000 gebied:
- Bargerveen en Witterveld: geen gebiedsgerichte aanpak
- Drentsche Aa: 15% extra boven op het generieke doel.
- overige 9 Natura 2000-gebieden: 30% extra boven op het generieke doel.
Voor de betrokken bedrijven in de gebieden met een extra gebiedsopgave, is dit een forse opgave. De uitwerking van de gebiedsgerichte opgave voor stikstof wil de provincie samen met ondernemers in de gebieden vormgeven bijvoorbeeld in een gebiedsaanbod. Hierin tellen alle maatregelen mee, zoals doelsturing, innovatie, verplaatsingen en bedrijven die bijvoorbeeld al gestopt zijn.
De emissienormen die in het programma TLGD staan, hebben op dit moment nog geen juridische werking. De normen moeten eerst opgenomen worden in de provinciale omgevingsverordening. En daarvoor moet een aantal zaken verder uitgewerkt worden. Het gaat om onderwerpen zoals hoe we met het tussendoel in 2030 omgaan, wat de wijze van aanleveren van informatie wordt en welke consequenties er zijn bij het niet halen van de norm.
De verwachting is dat de eerste wijziging in de POV begin 2027 ter besluitvorming voorligt in de Staten. Het grootste deel van de regels zullen we pas in 2027/2028 in de verordening vast gaan leggen, voorafgaand daaraan is het mogelijk om zienswijzen in te dienen.
De norm voor melkveehouderij gaat uit van 30% reductie, dat wordt berekend op basis van de emissie per fosfaatrecht. In 2019 was dat in Drenthe gemiddeld 0,32 kg per fosfaatrecht. Dat betekent dat de norm in 2035 op 0,227 kg ammoniakemissie per fosfaatrecht ligt. Hiermee krijgen boeren een duidelijke norm, waar ze zelf met eigen maatregelen op kunnen sturen. Het gaat dan vooral om de toepassing van innovatieve technieken en managementmaatregelen, zoals weidegang en voermanagement.
In 2035 moet iedere Drentse melkveehouder aan de norm voldoen van 0,227 kg ammoniakemissie per fosfaatrecht. Op basis van de bedrijfsgegevens uit de kringloopwijzer kan elke melkveehouder al zijn eigen totale stal- en opslagemissies zien, de bedrijfsemissie. Door dit te delen door het aantal fosfaatrechten van het bedrijf (in te zien via RVO) kan elke melkveehouder zijn eigen huidige situatie berekenen en heeft daarmee inzicht hoeveel reductie nodig is richting 2035.
Voor de intensieve veehouderij wordt de hoogte van de emissienorm nog uitgewerkt. Dit gebeurt in samenwerking met een aantal deskundigen uit deze sector. Naar verwachting is begin 2027 hierover meer duidelijk.
Ja, de doelen zijn in de praktijk haalbaar en we ondersteunen ondernemers bij de te nemen stappen. Het WUR-rapport laat in berekeningen zien dat voor managementmaatregelen en innovaties de reductie tot wel 50% kan zijn. Voor alleen managementmaatregelen gaat het om een potentieel van meer dan 30%. Dit zijn gemiddelde cijfers.
Voor veldemissies krijgen agrarische ondernemers op dit moment geen aparte norm. Op basis van het huidige nationale beleid verwachten we namelijk al een aanzienlijke daling van deze emissies. Wel blijven we maatregelen stimuleren die bijdragen aan verdere verlaging van de veldemissies, zoals het verdund uitrijden van mest en precisie-injectie. We onderzoeken of we dit met regelingen zoals 'laaghangend fruit' verder kunnen stimuleren. De verwachte daling is onder meer gebaseerd op de gevolgen van de afbouw van derogatie. De komende jaren zal uit monitoring blijken hoe de veldemissies zich daadwerkelijk ontwikkelen. Als de verwachte daling niet wordt gehaald, stellen we het plan bij en nemen we zo nodig aanvullende maatregelen om de veldemissies verder terug te dringen. Deze maatregelen worden dan opgenomen in een bijstelplan.
Het Rijk heeft al strenge reductievoorstellen voor de sectoren industrie en mobiliteit (wegen en vaarwegen). Voor die sectoren is het doel een vermindering van de stikstofuitstoot van 50% in 2035. Dat is meer dan van de landbouw wordt gevraagd.
In het kader van het maatwerk per gebied, kijkt de provincie per gebied naar alle bronnen die verantwoordelijk zijn voor veel neerslag (depositie) van stikstof op gevoelige natuur. Dat kan ook om bijvoorbeeld industrie of wegen gaan. We gaan daarover in gesprek om te zien of maatwerk afspraken mogelijk zijn.
