Archeologisch onderzoek langs N34


Drents erfgoed is soms zichtbaar, zoals de hunebedden. Maar het meeste zit in de grond en kun je dus niet zien. Archeologen zoeken naar oude bewoningssporen. Zij kunnen aan de hand van hun vondsten het verhaal van Drenthe in de prehistorie vertellen.

Om een weg te kunnen verdubbelen moet eerst archeologisch onderzoek gedaan worden. Dat begint met het doen van boringen om te ontdekken waar interessante resten te verwachten zijn.

Bodem in kaart brengen

Vervolgens worden proefsleuven gegraven. Die zijn 2 tot 4 meter breed met een lengte tussen de 25 en 50 meter. Archeologen brengen de bodem digitaal in kaart en doen onderzoek naar vondsten en grondsporen.

Leveren de proefsleuven veel informatie op, dan wordt gestart met een echte opgraving over een groter, aaneengesloten oppervlak.

Sporen uit de middeleeuwen

Langs de N34 zijn sporen uit de prehistorie en middeleeuwen gevonden. Het gaat vooral om paalsporen van onder andere boerderijen, opslagschuurtjes, (erf)greppels, aardewerk scherven en vuursteen van vele honderden jaren oud.

Erfgoed bewaren

We doen dit onderzoek omdat we willen voorkomen dat waardevol erfgoed ongezien en voorgoed verdwijnt.

Planning

Het archeologisch onderzoek voor de verdubbeling van de N34 tussen Coevorden en Emmen duurt tot 1 april 2019. En het onderzoek voor de aanleg van het knooppunt Emmen-West loopt tot 1 juli 2019.


Wat doet een archeoloog?

Eerst boren
Proefsleuf graven
Metaaldetectie
Dichte proefsleuven langs N34
Opgraving
Opgraving langs N34
N34 en opgraving
Vondst
Vondst in zakje
Vondstenonderzoek
Vondsten wegen