Verschil in zorg


Een vrouw in een auto krijgt last van tintelingen en verlammingsverschijnselen. Ze stopt de auto en pakt haar telefoon. Niet om een hulplijn te bellen maar om zichzelf te filmen. En nee, dit is geen gevalletje van narcistische self exposure. Maar een wanhoopsdaad.

De vrouw, de 49-jarige Canadese Stacey Yepes stond twee dagen eerder al bij de Eerste Hulp. Met dezelfde klachten. De arts dacht dat ze last van stress had en ze werd naar huis gestuurd met ademhalingsoefeningen. Achteraf bleek ze een beroerte te hebben gehad en met het filmen van haar symptomen heeft ze waarschijnlijk haar eigen leven gered.

Een uitzondering? Nee, helaas niet. Vrouwen worden in de medische wereld op meerdere manieren benadeeld. Ze worden zoals Stacey niet serieus genomen door hun artsen. Maar niet alleen dat; ook wordt er minder onderzoek gedaan naar ziektes die alleen bij vrouwen voorkomen. En daarnaast gaan artsen en onderzoekers ervan uit dat het vrouwelijk lichaam hetzelfde reageert als het mannelijk lichaam.

Mannenbolwerk

Een misvatting met grote gevolgen want vrouwen zitten tot op celniveau anders in elkaar dan mannen. Cardioloog Angela Maas zegt dat het filmpje helaas een goed voorbeeld is van hoe er in de medische wetenschap tegen vrouwen aan wordt gekeken. ‘Tijdens mijn opleiding kreeg ik dat gewoon te horen. Vrouwen hadden vage klachten en het zat bij hen vaak tussen de oren. Onzin natuurlijk’, vindt ze nu.

Bij vrouwen kunnen de klachten heel anders zijn.

Maar de cardiologie is een mannenbolwerk. En veranderingen vallen niet altijd in goede aarde, ook al is een paar jaar geleden aangetoond dat hartklachten bij vrouwen zich anders openbaren dan bij mannen.
Iedereen weet dat pijn op de borst met uitstraling naar de arm een teken is van hartfalen. Maar bij vrouwen kunnen de klachten heel anders zijn. Duizeligheid, bijvoorbeeld en misselijk zijn. Ik krijg soms vrouwen op het spreekuur die letterlijk voor gek zijn verklaard door andere artsen. Ze komen hier dan voor hun second of third opinion en hebben er al een hele zoektocht op zitten. Meestal beginnen ze gelijk te huilen.U luistert tenminste naar me,” krijg ik dan te horen.

Maas vindt het belangrijk dat deze verschillen in symptomen erkent worden. Want dit geldt niet alleen voor hart- en vaatziekten, ook bij diabetes, longziekten en tal van andere aandoeningen is het verloop van de ziekte anders bij vrouwen dan bij mannen.

De organisatie WOMEN Inc. heeft samen met verschillende hoogleraren en het ministerie van OCW de alliantie Gender en Gezondheid opgericht om de blinde vlek voor vrouwen in de geneeskunde aan de kaak te stellen. Janet Vaessen, directeur van WOMEN Inc., benadrukt dat de juiste kennis soms het verschil tussen leven en dood  kan bepalen. ‘Op Lowlands hield ik vorig jaar een praatje waarbij ik de verschillende symptomen van hartfalen bij mannen en vrouwen aankaartte. Later kwam er een vrouw bij de eerste hulp die haar klachten herkende van mijn praatje. Ze bleek een hartinfarct te hebben.

En de man is niet alleen de norm in de gezondheidszorg wat betreft symptomen. Bij vrijwel alle medische onderzoeken wordt de (blanke) man als testpersoon gebruikt. Om de simpele reden dat mannen geen cyclus hebben en dus zorgen voor stabielere resultaten. Ook medicatie wordt, vanwege dezelfde reden, vrijwel alleen op mannen (of mannelijke proefdieren) getest. Ervan uitgaand dat vrouwen hetzelfde reageren. Het resultaat: overdosering. Bij het (in Amerika populaire) slaapmiddel Ambien, bijvoorbeeld, werd recent aangetoond dat vrouwen de dag na inname nog een hoge dosis in het bloed hadden zitten. Gevaarlijk want het middel beïnvloedt onder andere de rijvaardigheid. Het was nooit eerder aangetoond omdat mannen daar geen last van hadden. Mannen zijn gemiddeld zwaarder en groter en breken medicijnen anders af.

De man als uitgangspunt

En de man als uitgangspunt beperkt zich niet alleen tot fysieke aandoeningen ook binnen de Geestelijke Gezondheidszorg valt er het nodige te verbeteren, volgens Marry Bekker, Hoogleraar klinische psychologie. Want nu wordt er in de richtlijnen van het Trimbos instituut het geslacht nauwelijks genoemd. Terwijl vrouwen meer baat zouden hebben bij een andere aanpak. ’Nu wordt bijvoorbeeld bij angstklachten vaak cognitieve gedragstherapie voorgeschreven. En dat werkt in zo’n vijftig tot zestig procent van de gevallen. Bij meer dan een derde van de patiënten helpt het dus niet of tijdelijk en krijgen ze later een terugval.'

Bekker denkt dat vooral vrouwen meer baat hebben bij een andere aanpak. ‘Vrouwen maken zich vaker druk om hun omgeving, en dat gaat vaak heel ver. Bij autonoomtherapie leren ze weer varen op hun innerlijk kompas en ze worden zich meer zelfbewust.‘ Bekker noemt een voorbeeld uit haar praktijk. ‘Deze vrouw had straatvrees en op het moment dat haar dochters het huis uit gingen, vond ze het echt een probleem worden. Ze kreeg gedragstherapie en ze werd dus geconfronteerd met haar angst. Elke dag ging ze een beetje verder van huis. Maar op den duur stagneerde de therapie. Wat bleek uiteindelijk? Haar identiteit was zo verweven met het thuis zijn en het nodig zijn voor iedereen. Ze was natuurlijk altijd aanwezig, haar angst was er niet meer te kunnen zijn voor haar omgeving. Het thuis-zijn en dus nodig zijn voor anderen, was een deel van haar identiteit geworden. Uiteindelijk leerde ze met een andere vorm van therapie haar weg te vinden en nu gaat en staat ze waar ze maar wil.

Gendersensitief

Naast een meer gendersensitieve kijk op patiënten, is een van de speerpunten van de alliantie ook het in kaart brengen van ziektes die alleen vrouwen hebben. Gynaecoloog Bart Fauser kan dat alleen maar beamen. ‘Ik hoor vaakals het mannen betrof was het allang opgelost,” en volgens mij is dat ook zo. Ziektes als endometriose (verklevingen in de baarmoeder) is één van de meest voorkomende oorzaken van onvruchtbaarheid bij vrouwen boven de 25 jaar. Maar er zijn geen potjes voor en ik zie ook nooit iemand met een collectebus langskomen. Terwijl veel vrouwen er dagelijks mee te maken hebben.

Het erkennen en verder onderzoeken van specifiek vrouwelijke klachten is één van de speerpunten van de Alliantie Gender en Gezondheid. Directeur Vaessen zegt dat ook de aandacht voor de verschillen tussen mannen en vrouwen in het onderwijs een belangrijk doel is. ‘Het genderspecifieke deel in de medische wereld is een soort specialisatie geworden. Iets waar je voor kiest helemaal aan het eind van je opleiding. De basis klopt dus al niet.

Fauser hoorde laatst nog een vrouwelijke student zeggen dat vrouwen atypische klachten hadden. ‘Als je in de mannenmodus wordt opgeleid dan denk je ook zo. Maar hoezo atypisch? Dan ga je ervan uit dat mannen typische klachten hebben. Het zijn ándere klachten.’

Winst te behalen

Ook Angela Maas denkt dat er veel winst behaald kan worden door het onderwijs aan te passen. ‘Nog steeds hebben we te maken met een machocultuur binnen de cardiologie. Zelfs jonge cardiologen worden middels het achterhaalde mannenpatroon opgeleid. Het manco zit ‘em echt in de kennisoverdracht van oudere mannelijke cardiologen.

Volgens Vaessen wordt taak van de alliantie echt een meerjarenplan, want zowel het onderwijs als het onderzoek moet worden aangepast. ‘Eigenlijk zou het al heel normaal moeten zijn om anders naar vrouwen en mannen te kijken vanuit medisch perspectief. Maar toch is dat niet zo.

Stereotypering

Maar ook vrouwen zelf kunnen rekening houden met de stereotypering in de gezondheidszorg. Wat dat betreft kunnen we ook leren van mannen als we op spreekuur komen. Volgens Angela Maas zijn mannen veel directer. ’Die komen op spreekuur en vertellen waar ze last van hebben, vrouwen doen dat meer met een omweg. Dan is de dokter vaak al afgehaakt. Wij mogen ook best directer zijn. Daarmee maken we het onszelf uiteindelijk makkelijker.
Jannet Vaessen beaamt dat. ‘Vrouwen moeten ook zelf kennis opdoen, zorg dat je voorbereid bent als je naar een arts gaat, stel vragen. Uit onderzoek van huisarts Hedwig Vos blijkt bijvoorbeeld dat  vrouwen uitgebreider vertellen en zij zoeken de oorzaak van lichamelijke klachten vaker bij zichzelf. Het is goed om je daar bewust van te zijn.

En juist internet en het mondiger worden van patiënten hebben er volgens Maas voor gezorgd dat de aanpak van artsen gaat veranderen. ‘De noodzaak is zo groot, vooral vanuit de patiënt zelf. En daar kan je dan als arts niet meer omheen. Er hoeven echt geen aparte vrouwenspreekuren te komen wat mij betreft als artsen maar kunnen schakelen naar de persoon die tegenover hen zit. Dat scheelt een hoop overdiagnostiek en dus ook een hoop geld. En dat finetunen op de patiënt gebeurt nog steeds niet.

Met de alliantie Gender en Gezondheid is in ieder geval een eerste stap gezet in het bewustwordingsproces. Het handboek vrouwspecifieke geneeskunde verscheen vorig jaar en tot en met 2015 bezochten leden van de alliantie academische ziekenhuizen om artsen en studenten bewust te maken van de verschillen. Want uiteindelijk gaat het maar om één ding volgens Vaessen: ‘We willen gewoon een goede gezondheidszorg voor vrouwen. Zorg die ook is afgestemd op het vrouwelijk lichaam.


We willen gewoon een goede gezondheidszorg voor vrouwen. Zorg die ook is afgestemd op het vrouwelijk lichaam.

medical-3318767_960_720