Agrarisch natuurbeheer


Het primaire doel van agrarisch natuurbeheer is het in stand houden van soorten door maatregelen in het agrarisch gebied. Via het Stelsel Natuur en Landschap (SNL) subsidiëren we activiteiten van collectieven van agrarische grondgebruikers/eigenaren, gericht op de instandhouding en/of ontwikkeling van natuurwaarden in agrarische gebieden. We letten sterk op de effectiviteit van onze inzet, waarbij we proberen om de ecologische winst zo groot mogelijk te maken. Daarnaast willen we de SNL inzetten voor het onderhoud van landschapselementen en ecologische verbindingen. We streven continuïteit en eenduidigheid van beheer na.

Het (landelijk) instrument wordt doelgericht ingezet door te kiezen voor maatregelen in leefgebieden in de meest kansrijke gebieden en voor levensvatbare populatie van doelsoorten. Om een leefgebied te verbeteren zijn vaak ook maatregelen nodig om de milieuomstandigheden te verbeteren. De mogelijkheid om dit via agrarisch natuurbeheer te doen zijn beperkt, maar wel zinvol. In de praktijk betekent dit dat we dit soort maatregelen vooral direct naast en om natuurgebieden zullen nemen, omdat we zo het meest effectief bezig zijn. Daarnaast zetten we agrarisch natuurbeheer in om de ecologische verbindende functies van landschapselementen in het natuurnetwerk te versterken. Samengevat kiezen we bij de inzet van agrarisch natuurbeheer voor :

  • Open graslanden (weidevogels)
  • Open akkers (akkervogels)
  • Groen netwerk (soorten van struwelen en bosjes)
  • Blauwe netwerk (soorten van sloten en poelen)

Het natuurbeheerplan geeft per jaar aan welke doelen we waar willen realiseren met inzet van agrarisch natuurbeheer.

Het instrument wordt ook efficiënter ingezet door het te richten op collectief agrarisch natuurbeheer in plaats van op een heleboel individuele betrokkenen. In Drenthe is één agrarisch collectief, namelijk Agrarische Natuur Drenthe. In het collectief werken vooral agrariërs samen om natuurdoelstellingen door agrarisch natuurbeheer te realiseren. Afhankelijk van het gebied en de te realiseren doelstellingen werkt het collectief samen met andere partijen zoals overheden, burgers, ondernemers, (particuliere) terreinbeheerders en kennisinstellingen. Wij juichen deze samenwerking toe. We verwachten dat het beheer effectiever zal zijn, naast het terugdringen van administratieve lasten. Deze nieuwe vorm geeft meer mogelijkheden om gebiedsgericht doelen te kunnen realiseren en een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het landelijk gebied op te bouwen.

In eerste instantie is het collectiefbedoeld om het agrarische natuurbeheerzowel ecologisch en als qua kosten effectiever te maken. Voor de lange termijn is het onze wens om collectieven in te zetten voor het realiseren van bredere gebiedsdoelstellingen gericht op natuur  en aan andere maatschappelijke doelen, zoals landschap, bodem, water, energie, leefbaarheid en recreatie. Zo kunnen we meer organisaties en mensen betrekken bij het beheer van het landelijk gebied en kunnen we naastnatuur- en landschapsdoelen andere doelen realiseren.