Archeologie en cultuurhistorie


l in de Middeleeuwen kende men de bijzondere waarde van dit gebied. Juist de combinatie van:

a) de gemakkelijk winbare potklei, dicht onder het maaiveld,

b) hout en turf in de directe omgeving, nodig als brandstof voor de ovens,

c) en een goede transportroute via het Peizerdiep maakte de Kleibosch in de Late Middeleeuwen zo aantrekkelijk voor steen- en pannenbakkerijen.

Het Klooster van Aduard evenals de St. Jacobskerk te Roderwolde zijn in de dertiende eeuw gebouwd met kloostermoppen, afkomstig uit de Foxwolmer Kleidobben, in het zuiden van de Kleibosch.

Ook in het oostelijk beekdal, aan weerszijden van het huidige Moleneind, werd potklei gewonnen. Oude veldnamen in dit gebied herinneren aan de middeleeuwse tichelovens, die waarschijnlijk eigendom waren van de familie Lewe op het Huis te Peize. Pottenbakkers in Groningen importeerden hun klei uit het Peizer gebied.

Tichelwerk Foxwolde

De huidige boerderij het Tichelwerk is gebouwd op een verhoogde huisplaats waar ooit een vaste ticheloven met enkele huizen heeft gestaan. Het eigendom van het huidige Tichelwerk lag in de 16e eeuw in de handen van het klooster van Bergum en daarna van de familie van Ewsum.

Het klooster van Aduard heeft geticheld in het noordelijke gedeelte van de Kleibosch, in de percelen die de Leemdobben heetten. Het klooster was er daarom zeer bij gebaat om het Peizerdiep goed bevaarbaar te houden. Vooral dakpannen waren een geliefd product.

In de Kleibosch herinneren tal van uitgegraven kleidobben en restanten van oude kanaaltjes aan de industriële bedrijvigheid van toentertijd. Met de verwoesting en opheffing van het klooster van Aduard aan het einde van de 16e eeuw kwam een einde aan de bloei periode.

UItgegraven kleidobben

De ticheloven aan het Peizerdiep heeft waarschijnlijk omstreeks 1670 voor het laatst gebrand. Daarna diende het haventje aan het einde van de Schipsloot als aanvoerhaven voor stenen die in Groningen en Friesland waren gebakken.

Tegenwoordig is de boerderij Tichelwerk in bezit van de Stichting Het Drentse Landschap en wordt hij verpacht aan een biologische boer, die zijn vee laat grazen in de graslanden van de Kleibosch.

In 1884 werd de Roderwolderweg verlegd. Voordien liep de doorgaande weg van Roden naar Roderwolde door de Kleibosch. In dat jaar werd na de provinciale invoering van de tolheffing het tolhuisje gebouwd.