Economische Koers Drenthe 2020-2023


Samen voor een sterke, slimme en groene economie met impact

In het voorjaar van 2020 hebben Gedeputeerde Staten de Economische Koers Drenthe 2020 – 2023, het beleidskader voor het versterken van de Drentse economie, vastgesteld. Niet lang daarna brak de coronacrisis uit en de vraag rijst: gaat die uitgestippelde Koers wel samen met de coronacrisis waar we ons nu in bevinden? Ja, want de Koers biedt ons ook in deze onzekere tijd een stevige basis om onze economie toekomstbestendiger te maken. Wél vragen de gevolgen van de coronacrisis nóg meer van ieders flexibiliteit en innovatief vermogen. Hoe lang de crisis voortduurt en wat de gevolgen exact zullen zijn, is nu nog niet duidelijk, maar het heeft een forse impact op de economie in Drenthe. De provincie wil ondernemers en inwoners ondersteunen om hier zo goed mogelijk doorheen te komen. Aan de oorspronkelijke Koers is daarom een Corona-bijlage toegevoegd met een eerste duiding van de economische gevolgen van de coronacrisis en mogelijke steunmaatregelen. Deze aangepaste Koers is op 7 oktober 2020 door Provinciale Staten vastgesteld en wordt in nauwe samenwerking met de partners verder uitgewerkt.

Gedeputeerde Henk Brink: “Wij realiseren ons dat het een bijzonder moment is om de Koers vast te stellen. Aan de andere kant willen we juist nu in deze onzekere crisistijd verder bouwen aan het versterken van onze Drentse economie. Voor nu én de toekomst. Deze nieuwe Koers biedt ons houvast en handvatten om hiermee aan de slag te gaan. Deze crisis vraagt dat we blijven inspelen op wat er de komende periode op ons af komt. Dat neemt niet weg dat de doelstellingen voor een sterke economie overeind blijven staan. Het pad ernaar toe kan gezien de huidige omstandigheden weleens anders zijn.”

Economische Koers 2020-2023

De nieuwe Economische Koers geeft op hoofdlijnen de kaders weer voor het economische beleid van de provincie Drenthe en is daarmee dynamisch. Nadere uitwerking vindt de komende tijd op onderdelen plaats in deelagenda's en -programma's. De komende vier jaar zet de provincie in op een sterke, slimme en groene economie met economische en maatschappelijke impact. De focus ligt, naast het creëren en behouden van werkgelegenheid, op innovaties die helpen om maatschappelijke vraagstukken op te lossen. Met als uiteindelijk doel het realiseren van een toekomstbestendige economie én samenleving. De Koers is opgebouwd langs drie lijnen: de slimme economie, de groene economie en de economie met impact.

Slimme economie

Digitale ontwikkelingen zorgen voor grote veranderingen in alle sectoren van de Drentse economie. Van landbouw tot groene chemie en industrie, van zorg tot logistiek en energie. De provincie wil Drentse bedrijven en inwoners stimuleren om de kansen die de digitale transitie biedt optimaal te benutten. Daarbij is het van belang dat het onderwijs- en kennisaanbod kwalitatief en kwantitatief goed op de vraag van het Drentse bedrijfsleven aansluit. Een onderwijsaanbod dat bovendien gericht is op talentontwikkeling en het behouden van jongeren voor onze regio. De plannen voor een Universiteit van het Noorden zijn een mooie aanvulling op het bestaande onderwijsaanbod in Drenthe, net als de IT-hub in Hoogeveen.

Groene economie

De huidige tijd vraagt om een transitie naar een duurzamere economie. Deze ontwikkeling biedt volop kansen voor het Drentse bedrijfsleven in uiteenlopende sectoren. De provincie wil bedrijven stimuleren om duurzamer te gaan produceren, door minder gebruik te maken van fossiele grondstoffen. Ook zet de provincie in op een meer circulaire economie, bijvoorbeeld in de bouw en het recyclen van plastic. De energietransitie biedt zeker kansen voor ondernemers, bijvoorbeeld met nieuwe toepassingen van waterstof.

Economie met impact

Met de inzet op een slimme en groene economie wil de provincie bijdragen aan de brede welvaart in Drenthe. Hierdoor ontstaat nieuwe bedrijvigheid en worden oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken bedacht. Dit bleek bijvoorbeeld al bij de Health Hub Roden, waar innovatieve oplossingen voor de zorg ontwikkeld worden en kennis en werkgelegenheid voor de regio behouden is gebleven.