Provincies lobbyen bij het Rijk voor financiële steun voor dorpshuizen en wijkcentra


Samen met de provincies Fryslân, Groningen, Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant, Zuid-Holland en Noord-Holland doet de provincie Drenthe een dringende oproep aan het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) om dorpshuizen en wijkcentra financieel te ondersteunen, als gevolg van de coronacrisis. Hiermee ondersteunen de provincies de lobby vanuit de Landelijke Vereniging voor Kleine Kernen (LVKK).

Dorpshuizen, wijkcentra en andere ontmoetingsplekken zijn heel waardevol voor de leefbaarheid in dorpen en wijken. Ze zijn een anker voor de inwoners, maar ook voor tal van vrijwilligers en beheerders. Door de coronacrisis zijn dorpshuizen en wijkcentra gesloten. Dit heeft grote gevolgen voor deze ontmoetingsplekken en de sociale functie die zij vervullen. Door het wegvallen van de opbrengsten van verhuur, grote activiteiten en consumpties kampen deze accommodaties met een forse omzetdaling terwijl de vaste lasten blijven doorlopen.

Voor het voortbestaan van deze belangrijke voorzieningen voor de leefbaarheid in dorpen en wijken is financiële ondersteuning noodzakelijk. Daarom ondersteunen de acht provincies, veelal mede gesteund door de gemeenten, de oproep van de LVKK aan het ministerie van EZK om deze organisaties op te nemen in de regeling ‘Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19’ (TOGS). Tot nu toe zijn dorpshuizen en wijkcentra hiervan uitgesloten, op basis van SBI-codering.

Gedeputeerde Hans Kuipers: “Samen met de zeven andere provincies, maakt Drenthe zich hard voor de verruiming van de regeling TOGS. Dorpshuizen en wijkcentra zijn de dragers van ons platteland. Gesteund door de Drentse gemeenten in VDG-verband, staan we als college van Gedeputeerde Staten vierkant achter deze oproep.”