Huishoudens


De toename van het aantal eenpersoonshuishoudens heeft gevolgen voor onder meer de woningmarkt.

trend In de periode 2000-2015 nam het aantal huishoudens met 11% toe. Er kwamen vooral meer eenpersoonshuishoudens.
vergelijking Drenthe-NL In Drenthe zijn de huishoudens gemiddeld iets groter dan in Nederland (2,27 tegen 2,18 personen per huishouden in 2015).
toekomst Naar verwachting zal het aantal huishoudens verder stijgen tot ruim 217.000 in het jaar 2040.

In 2000 telde Drenthe ruim 191.300 huishoudens. In 2015 was dat met 11% toegenomen tot bijna 212.500. De prognose is een verdere stijging tot 217.000 in het jaar 2040. Het maximum zal rond het jaar 2030 bereikt worden met een aantal van 222.300 huishoudens.

Huishoudens worden kleiner

Bij de toename van het aantal huishoudens gaat het voor een groot deel om eenpersoonshuishoudens (stijging van 32% in 2000-2015) en in mindere mate om meerpersoonshuishoudens (stijging van 3,5%). De toename van de eenpersoonshuishoudens begon al rond 1960. Het werd gebruikelijker dat kinderen die het ouderlijk huis verlieten eerst een tijd alleen woonden voordat ze met een partner een huishouden vormden. Ook was er een toename van het aantal paren dat uit elkaar ging.

De prognose is een verdere stijging van het aantal eenpersoonshuishoudens. Door de vergrijzing zal het aantal samenwonenden dat de partner verliest doordat deze overlijdt of naar een instelling gaat, sterk oplopen. Ook zet de individualisering naar verwachting verder door.

Doordat de groei van het aantal huishoudens zich vooral voordoet bij de eenpersoonshuishoudens neemt de gemiddelde huishoudengrootte de komende decennia verder af. In 2000 telde een Drents huishouden gemiddeld nog bijna 2,5 personen. In 2040 is de gemiddelde huishoudengrootte naar verwachting teruggelopen tot circa 2,14. Voor Nederland als geheel liggen deze cijfers op 2,3 in 2000 en iets onder 2,1 in 2040.

Referenties

Provinciale Staten van Drenthe (2015). Bevolkingsprognose 2015. Provincie Drenthe, Assen.