Scheidend gedeputeerde Cees Bijl koninklijk onderscheiden


Cees Bijl, PvdA-gedeputeerde van de provincie Drenthe, is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Nadat hij sinds 2016 deel uitmaakt van het College van Gedeputeerde Staten, stopt Bijl daar per 1 december aanstaande mee. Vanwege zijn belangrijke verdiensten voor de samenleving werden hem woensdag, in de Statenzaal van het provinciehuis in Assen, door commissaris van de Koning Jetta Klijnsma de versierselen behorend bij de koninklijke onderscheiding uitgereikt.

Cees Bijl had als gedeputeerde onder meer cultuur,  verkeer en vervoer en onderwijs in zijn portefeuille. Zijn bestuursstijl is te karakteriseren als politiek sensitief, pragmatisch en no-nonsense, wat hem tot een geliefd en herkenbaar bestuurder maakt. Hij wordt door degenen die met hem hebben gewerkt, geprezen als een warm pleitbezorger van het openbaar bestuur, waarin hij zijn buitengewone kwaliteiten als bestuurder, als voorzitter en als verbinder kan etaleren. Hij verstaat de kunst de vergaderingen soepel, kalm, consciëntieus en consequent te leiden: serieus, maar ook met een dosis humor wanneer daar aanleiding toe is.
 
Bijl begon zijn politieke loopbaan eind jaren zeventig als gemeenteraadslid en later als wethouder van Enkhuizen. Vervolgens was hij burgemeester van achtereenvolgens Leeuwarderadeel, Meppel en Emmen. Daarnaast was hij afgelopen jaren vicevoorzitter van PvdA Drenthe.
 
In Emmen gaf Bijl leiding aan de ingrijpende verandering van het centrum, met de verplaatsing van de dierentuin en de ontwikkeling van het Raadhuisplein. Als voorzitter van de internationale stuurgroep Koloniën van Weldadigheid haalde hij de Werelderfgoedstatus binnen.
 
Bijl had als gedeputeerde het uitgangspunt dat cultuur voor een zo breed mogelijk publiek toegankelijk moet zijn en blijven. Met het Drents Noodfonds Cultuur hield hij tijdens corona de Drentse culturele basisinfrastructuur in stand.
 
Bijls inspanningen op het gebied van cultuur zijn onder andere voor het Drents Museum erg belangrijk geweest. “Denk aan bijdragen uit de investeringsagenda waarmee ons depot en de Abdijkerk zijn verbouwd, en waardoor onze nieuwe brasserie kon worden gerealiseerd”, vertelt museumdirecteur Harry Tupan. Dit is voor het museum aanleiding om Bijl bij zijn afscheid, bij hoge uitzondering, de Erepenning van het Drents Museum toe te kennen.
 
Commissaris van de Koning Jetta Klijnsma prijst de verbindende kracht van Bijl en stipt het feit aan dat hij niet op de voorgrond hoeft te staan. “Maar juist die bescheidenheid draagt bij aan zijn ijzersterke profilering als icoon van de Drentse politiek.”
 
De politieke carrière van Bijl is overigens nog niet ten einde. De komende tijd fungeert hij als waarnemend burgmeester van de gemeente Midden-Drenthe, totdat daar een definitieve opvolger van Mieke Damsma is gevonden.