Jongerenadviesraad geeft jongeren een stem in Drents parlement


De Drentse provinciale politiek is sinds kort versterkt met een nieuw adviesorgaan, de Jongerenadviesraad. Een groep van twaalf politiekenthousiaste jongeren in de leeftijd van 14 tot en met 25 jaar. Een idee geboren in de werkgroep Veranderende Samenleving, opgezet met hulp van de Statengriffie en Politiek Netwerk Drenthe, en vervolgens breed omarmd door het Drents parlement. Een voorstel om jaarlijks geld vrij te maken in de begroting om deze jongeren te faciliteren, is unaniem aangenomen. Dat alle fracties positief tegenover de Jongerenadviesraad staan, verbaast Statenlid Thea Potharst niet. “Als Statenlid én volksvertegenwoordiger wil je weten wat er leeft in de Drentse samenleving. De Jongerenadviesraad geeft ons als Staten meer inzicht in wat er leeft onder jongeren en hoe zij tegen bepaalde thema’s aankijken. Daar kunnen wij alleen maar blij mee zijn. Temeer omdat deze groep voor de politiek vaak moeilijk te bereiken is.”

“Het zou mooi zijn als er niet alleen over jongeren, maar ook mét jongeren wordt gesproken in de politiek”

Recent bewees de Jongerenadvies haar waarde tijdens een debat over het openbaar vervoer. De jongeren hebben een enquête uitgezet op social media en kregen 565 reacties binnen van jongeren. Een mooi aantal, vinden Joran Andringa (18) en Dewi Moorman (17). Beiden zijn sinds de start betrokken bij de Jongerenadviesraad en inmiddels vol overgave bezig om de stem van jongeren door te laten klinken in de politiek. “Dat doen we door gevraagd en ongevraagd advies te geven over thema’s die jongeren raken”, vertelt Andringa. “Dat betekent dat we kijken naar de onderwerpen die op de komende agenda’s van het Drents parlement staan en daar onderzoek naar doen onder Drentse jongeren. Zo peilen we hoe de jeugd denkt over deze onderwerpen en de resultaten delen we met het parlement.” Anderzijds kunnen er ook verzoeken vanuit de Statenleden komen die graag willen weten hoe jongeren over een bepaald thema denken, vult Moorman aan. “Welke kant het ook op gaat, de Staten zijn in ieder geval op de hoogte hoe onze generatie tegen een bepaald thema aankijkt.”

Een frisse blik

Potharst onderschrijft de opmerking van Dewi Moorman. “Jongeren staan anders in het leven. Ze kijken daarom ook anders tegen bepaalde zaken aan. Die visie kan een goede aanvulling zijn op hoe wij, als Statenfracties, deze agendapunten beoordelen. Het is heel goed denkbaar dat fracties de Jongerenadviesraad actief zullen gaan benaderen om een onderzoek te doen onder jongeren over een bepaald thema, om zo tot extra -of misschien zelfs andere- inzichten te komen.” Tijdens het OV-debat kwam naar voren dat een meerderheid van de Drentse jongeren de auto nog altijd ziet als hét vervoersmiddel bij uitstek. Nú en in de toekomst. Potharst: “Een teken voor de Statenfracties dat er op gebied van mobiliteit nog veel winst te boeken is als men omwille van het klimaat de werknemers en ondernemers van de toekomst uit de auto en in het openbaar vervoer wil krijgen.”

Volop in ontwikkeling

“Inspreken is een prima manier om de stem van jongeren over provinciale thema’s door te laten klinken in de Drentse politiek”, vindt Andringa. Al mag van Potharst het moment van inspreken ook wel naar voren worden gehaald in het proces. “De Jongerenadviesraad is nog volop in ontwikkeling en deze manier van informatie delen hoort daarbij. Maar we zagen tijdens het OV-debat dat Gedeputeerde Staten al een goed onderbouwd plan had en dat veel fracties hun bijdragen al klaar hadden. Willen we jongeren écht invloed laten uitoefenen, dan zouden zij meer aan de voorkant van de besluitvorming betrokken moet worden.” Dat is een gedeelde verantwoordelijkheid van Gedeputeerde Staten en het Drents parlement, vindt Potharst. “Als de Jongerenadviesraad eerder in het proces bij de besluitvorming  wordt betrokken, dan kunnen zij eerder hun onderzoeken doen en die terugkoppelen naar de betrokken ambtenaren en de Statenfracties. Die kunnen die resultaten meenemen in de voorstellen van Gedeputeerde Staten richting de Staten en de fracties kunnen vervolgens zien in hoeverre rekening is gehouden met de mening van jongeren. En dat ook verwerken in hun bijdragen.” Het enthousiasme onder de jongeren in deze adviesraad is groot, constateert Potharst. “Maar wil je dat enthousiasme vasthouden, en de motivatie behouden, dan zal je ook iets met hun bevindingen moeten doen. Vooraf, niet achteraf.”

Goede begeleiding

Naast goedwillende bestuurders en Statenleden zal het succes van de Jongerenadviesraad ook afhangen van de begeleiding. Vanuit de Statengriffie worden Statenleden en -fracties gewezen op de resultaten van de onderzoeken die de Jongerenadviesraad aanlevert en het belang om daar ook daadwerkelijk aandacht aan te besteden. Daarnaast neemt commissaris van de Koning Jetta Klijnsma de Jongerenadviesraad onder haar hoede. Zij schuift regelmatig aan bij de digitale vergaderingen om de jongeren te voorzien van tips en om ook te luisteren naar thema’s die jongeren raken en bezig houden.

Jongerenparticipatie

Het doel is duidelijk. “Jongerenparticipatie”, gooit Moorman op tafel. “Daar komt het in het kort op neer. Het zou mooi zijn als er niet alleen over jongeren, maar ook mét jongeren wordt gesproken in de Drentse politiek. Een goed streven toch?” De vraag stellen is hem beantwoorden. “Uiteindelijk zijn wij de toekomst”, stelt Andringa. “Wij moeten straks dit land en deze provincie draaiende houden. Alleen daarom al is het logisch om ook de stem van jongeren mee te nemen in de besluitvorming over provinciale zaken.” Uit de woorden van Andringa blijkt dat naast OV ook klimaat en milieu hoog op de onderwerpenlijst van de Jongerenadviesraad staan. “Zeker”, bevestigt hij resoluut, “en zet daar ook onderwijs maar bij.”

2021

Er is een mooie start gemaakt, maar veel is nog in beweging. Dat constateren Andringa en Moorman. “De betrokkenheid onder de leden van de Jongerenadviesraad is groot”, aldus Andringa. “De eerste stappen zijn gezet, maar het gaat te ver om te stellen dat we er al zijn.” Moorman knikt en vult aan: “We hebben hierover ook contact gehad met andere jongerenraden. Hun ervaring is dat je zeker een jaar nodig bent om je als adviesraad volledig te settelen. Begin 2021 hopen we echt operationeel te zijn.” Aan de geïnvesteerde tijd zal het niet liggen. Beiden zeggen zo’n 5 uur in week bezig te zijn met de Jongerenadviesraad, die momenteel één keer in 3 weken -nu nog digitaal- bij elkaar komt.

Heb je een vraag aan de Jongerenadviesraad of juist een goed idee? Heb je interesse om lid te worden? Neem dan contact op met de Jongerenadviesraad via jongeren@drentsparlement.nl. Uiteraard is de Jongerenadviesraad ook te volgen op social media. Kijk voor meer informatie op Facebook en/of Instagram @jongerenadviesraaddrenthe.


Politiek talent ontkiemt

Twaalf leden kent de huidige Jongerenadviesraad. “Een mooi aantal”, vindt Joran Andringa, “maar er kunnen natuurlijk wel wat meer leden bij.” Zolang zij maar wel betrokken zijn, serieus werk willen maken van dit project en tussen de 14 en 25 jaar jong zijn, stelt Dewi Moorman. “De politieke voorkeur maakt niet uit, want we willen als adviesraad graag neutraal blijven.” Uiteraard rijst de vraag of Andringa en Moorman zelf een politieke voorkeur hebben. “Jazeker”, zegt Moorman, “wie interesse heeft in politiek denkt daar over na en heeft daar ook ideeën over. Die ideeën sluiten bij de ene partij wat beter aan dan bij een andere partij.” Andringa vult aan: “Bovendien is dit ook een mooie kans om kennis te maken met de politiek, jezelf te ontwikkelen en misschien wel wat eerste stapjes te zetten richting een politieke carrière. Zelf wil ik graag eerst het bedrijfsleven in, maar uitsluiten doe ik het zeker niet.” Dus nemen we de vraag mee naar Statenlid Thea Potharst. Is de Jongerenadviesraad een bron van jong politiek talent waar partijen toekomstige politici uit kunnen rekruteren? “Dat zou best kunnen”, lacht ze. “Ik had daar nog niet over nagedacht, maar het is natuurlijk heel goed mogelijk dat we een aantal leden van de Jongerenadviesraad later terug gaan zien in de politiek. Misschien moet ik onze jongerenafdeling van de Partij voor de Dieren toch maar eens tippen.”