Subsidie voor centrum van Roden


De provincie Drenthe stelt € 250.000,-- subsidie beschikbaar voor de versterking van het centrum van Roden. De gemeente Noordenveld gebruikt het geld voor het verplaatsen van een transformatiehuisje aan de Westerbaan en voor de sloop van het deels afgebrande pand aan het Oosteinde 6 (de Magista-locatie). Hierdoor ontstaat ruimte voor gebiedsontwikkeling op beide locaties.

Gedeputeerde Henk Brink: “Het is van groot belang om het voorzieningenniveau en de leefbaarheid van de Drentse centra op peil te houden. We hebben de subsidieregeling Herstructurering Ruimtelijke Kwaliteit (HRK) PLUS opgericht om knelpunten voor gestagneerde vastgoed- en gebiedsontwikkeling aan te pakken. Noordenveld kan met deze subsidie aan de slag met het afmaken van de Supermarktzone. Ook pakken we de verpaupering van de belangrijkste entree van Roden aan en nemen we barrières weg voor potentiële nieuwe kopers.”

Met het verplaatsten van het transformatorhuisje kan de voetgangerszone aan de Westerbaan opnieuw ingericht worden. Ook wordt het afmaken van de Roder Rooilijn en uitbreiding van de winkels mogelijk. Met het nieuwe transformatorhuisje wordt de gestegen vraag naar energie en de piekmomenten van teruglevering door zonnepanelen opgevangen.

Het pand aan het Oosteinde 6 ligt aan de drukste entree van Roden. In 2018 is het pand gedeeltelijk afgebrand. Zonder zicht op een concrete invulling zal het pand verder verpauperen. Dankzij de financiële bijdrage voor sloop, wordt bijgedragen aan het realiseren van mooiere entrees.

Mede door de inzet van het Binnenstadfonds zijn vanuit het Uitvoeringsprogramma Centrumontwikkeling Roden 2018-2022 verschillende ingrepen uitgevoerd voor de versterking van het centrum. Noordenveld bouwt hierop voort door twee knelpunten weg te nemen met een bijdrage van de subsidieregeling HRK PLUS. Een subsidieregeling specifiek bedoeld voor Coevorden (stad), Beilen en Roden om de leefbaarheid, ruimtelijke kwaliteit en/of de ruimtelijk economische structuur te verbeteren.

Provinciale Staten worden gevraagd of zij nog eventuele wensen of bedenkingen bij het voorstel hebben.